Over wijn

Over wijn

 

Wijn is er in allerlei stijlen en smaken. Hierdoor is de wereld van wijn verrassend en gevarieerd, maar ook boeiend en tegelijkertijd ingewikkeld.

 

Oude en Nieuwe wereld

 

De wijnwereld wordt traditioneel in tweeën verdeeld; de Oude en de Nieuwe. De oude, traditionele wijnlanden liggen in Europa waar ook de wijndruif zijn oorsprong heeft. De nieuwe landen liggen in de andere werelddelen en kennen nog maar een korte traditie.
De Languedoc wordt wel de nieuwe wijnwereld van Frankrijk genoemd. Enerzijds heeft het de oorspronkelijke terroirwijen met specifieke kenmerken, gemaakt van traditionele zuid-franse druivenrassen en vaak bekroond met een “appellation”. De producent van deze wijnen moet zich aan de strenge appellation-regels houden zoals bijvoorbeeld de maximaal toegestane opbrengst, druivenrassen en wijze van vinificatie.
Anderzijds worden wijnen gemaakt van bekende druivensoorten zoals cabernet sauvignon, merlot en chardonnay die overal ter wereld op waardering en herkenning kunnen rekenen. Deze wijnen zijn herkenbaar onder het label “Vin de Pays” en zijn ronde, soepele kwaliteitswijnen.

 

De druiven

 

De basis van alle wijnen is de druif. De wijndruif is een uitgebreide familie, wel 4000 soorten en ……… lang niet iedere wijndruif levert lekkere wijn. Hoewel wijn niet kan bestaan zonder druif spelen heel veel andere factoren een rol zoals klimaat, de ligging van de wijngaard, de grondsoort, het weer, het onderhoud, het moment van plukken en de wijze van vinificatie.

 

De druif : wat zit waar?

Schil : kleur- en smaakstoffen, tannines
Vruchtvlees : suikers en water, zuren en mineralen
Steel : tannine
Pitten : tannine

 

Het klimaat

 

Het weer is van directe invloed op de ontwikkeling van de druiven. De omvang van de oogst, de kwaliteit maar ook de stijl van de wijn wordt een belangrijk deel door het weer bepaald. De druiven hebben zon en vocht nodig en gedijen het beste bij een gemiddelde jaartemperatuur tussen 9 en 21 graden. Vorst is meestal rampzalig. Een gelijkmatige verkoelende wind is doorgaans goed maar een sterke vlagerige wind zorgt vaak voor schade aan de druif.

 

De ligging

 

Wijngaarden vinden we in de gematigde gebieden op vlaktes en op hellingen, voornamelijk zuidelijke hellingen. De aanplant op het zuiden is gunstig en de druiven profiteren daar maximaal van de zon. In de warmere gebieden worden wijnstokken hoger aangeplant waarbij gebruik wordt gemaakt van de lagere temperatuur en koelheid van de bergen.

 

De Bodem

 

De wijnstok groeit overal ter wereld in bodems die een zeer verschillende samenstelling kennen. Kiezel, kalksteen, klei, leisteen, zand en alle verschillende varianten en combinaties hiervan. De samenstelling van de grond moet niet erg vruchtbaar zijn en behoeven maar net toereikend zijn om de plant van voedingsstoffen te voorzien. Een goede drainage is erg belangrijk. Diep wortelende wijnstokken verdienen de voorkeur omdat zij moeite moeten doen de essentiële voedingsstoffen uit de grond te halen. Daarnaast zijn deze wijnstokken harder en beter bestand tegen uitzonderlijke weersituaties.

 

Het onderhoud

 

Het werken en het werk in de wijngaard is van eminent belang. De wijnbouwer speelt zelf een heel belangrijke rol. Zijn keuzes zijn bepalend voor het uiteindelijke product. De juiste keuze van druivenras in combinatie met grondsoort, de wijze waarop en hoe vaak gesnoeid wordt, het bewerken van de ondergrond, het zien en bestrijden van ziektes, het bepalen van het juiste moment van plukken, het vervoer van de druiven en de wijze van vinificatie zullen de kwaliteit van de druiven en het eindproduct aanzienlijk beïnvloeden en verbeteren.

 

De pluk

 

De pluk is de drukste tijd en het hoogtepunt van het wijnmaakproces. Wijngaarden veranderen in een mierenhoop waar wijnplukkers in groten getale bezig zijn om de pluk op een zorgvuldige wijze in korte tijd te realiseren. Wijnbouwers houden het weer en de rijpe druiven nauwlettend in de gaten. Wanneer plukken ? Het oogstmoment is cruciaal in het hele proces. Rijpheid en niet de enige factor van belang. De druif moet voldoende suiker bevatten maar ook de zuurgraad voor de frisheid van de wijn is van belang. Keuzes die het bepalen van ‘het’ moment uitermate ingewikkeld maken. Een te verwachten omslag in het weer, veel regen of hagel, kan zorgen voor een gedwongen pluk.

 

Het wijnmaakproces

 

Als druiven van perfecte kwaliteit zijn lijkt het maken van wijn simpel. Daarvoor is nodig dat je weet wat er op welk moment kan en moet gebeuren. Wijn maken is eigenlijk niet meer dan gisten, persen, de ontstane wijn laten rijpen en daarna bottelen. Elke stap in het wijnmaakproces kan op verschillende wijze worden gezet en heeft direct invloed op het bepalen van stijl en smaak van de wijn.
De druiven worden na selectie (bij duurdere wijn gebeurt dit handmatig) ontsteelt en gekneusd. Door het kneuzen beschadigt de druivenschil en komt sap vrij. De gistcellen op de schil komen in aanraking met het sap en kunnen hun werk doen.

 

De opvoeding

 

Opvoeden hoort erbij. Rijpen van de wijn gebeurt in roestvrij stalen tanks of in houten vaten afhankelijk van de gebruikte druivenrassen en wat de stijl van de wijn moet worden. Oud hout heeft geen invloed op de smaak, nieuw hout wel. Deze laatste beïnvloed de smaak en voegt aroma’s toe. Lagering op hout maakt een wijn vaak complexer door toevoeging van geurstoffen en aroma’s maar ook zachter en toegankelijker. Het is de kunst om qua lengte de juiste periode te bepalen van de lagering.

Nieuw hout geeft smaak af, meestal een vanille of karamelsmaak, en wordt vergelijken met het gebruik van specerijen bij een gerecht.

 

Assemblage

 

Veel wijnen worden van meerdere druivenrassen gemaakt, geassembleerd. In de Languedoc gebruikt de wijnmaker vaak vier rassen om de wijn te assembleren, namelijk de carignan en syrah, en de mouvèdre en grenache. In het Rhônedal echter worden bij het assembleren van Chateauneuf du Pape wel dertien druivenrassen gebruikt. Het mengen van de wijn gebeurt voor, tijdens of na het rijpen.
Bij de mono-cepage, wijn van één druivenras, komt ook een vorm van assemblage voor. De gebruikte druiven komen van verschillende wijngaarden met allen hun eigen karakteristieke kenmerken.

 

De Wijn

 

Er bestaan geen twee wijnen met dezelfde smaak. De verschillen hebben te maken met de gebruikte druivenrassen, gebied van oorsprong, de wijnbouwer en de wijnmaker.
De stijl van een wijn is het beste te beschrijven aan de smaak- en geur intensiteit en het gevoel die de wijn geeft in de mond. Geur en smaak wordt bepaald door de intensiteit van de aroma’s en het suiker- en alcoholgehalte. Het gevoel in de mond wordt bepaald door zuurgraad en de aanwezigheid van tannines. De smaak kan variëren tussen samentrekkend – straf of verzachtend - rond en levert een zware krachtige wijn of een lichte soepele wijn.

Vin de France, Cypressenlaan 53, Hoogezand Algemene verkoopvoorwaarden